Het lijkt erop dat de verbondenheid tussen de psychiatrie en de omgeving rond het Belgische plaatsje Geel, terug te voeren is tot in de zevende eeuw. Hier was het dat de Ierse koningsdochter Dimpna schuilde voor haar vader die, na het overlijden van zijn vrouw, met zijn eigen dochter wilde trouwen. Na enige tijd achterhaalde de koning zijn dochter vlakbij de Sint-Maartenskapel van Geel en onthoofde hij haar in een vlaag van waanzin. In de loop der eeuwen werd de heilige Dimpna patrones van bezetenen en geesteszieken en beschermheilige tegen epilepsie en krankzinnigheid. Familieleden van geesteszieken brachten hun verwanten naar Geel. Na hun verblijf werd een deel van hen in -plaatselijke gezinnen ondergebracht. Zo begon de psychiatrische gezinsverpleging in het kleine plaatsje, waar sinds 1980 een modern Openbaar  Psychiatrisch Ziekenhuis (opz) gevestigd is.

Nieuw kunsthuis
Via via kreeg ik te horen over een bijzonder atelier in Geel, dat ik graag met eigen ogen wilde zien. Ria Govaerts, tien jaar lang coördinator van het betreffende Kunsthuis Yellow Art, was inmiddels met pensioen. Haar vervanger, Bert Boeckx, ontving me en toonde me samen met Willy Casier (1955), een van de kunstenaars, de ateliers in een fonkelnieuw gebouw. Het was er opvallend schoon en steriel; helemaal niet wat je zou verwachten van een kunstenaarsatelier. Voordat dit nieuwe pand in 2014 in gebruik werd genomen, was het Kunsthuis nog gevestigd in de voormalige woning van de ouders van Jan Hoet (1936-2014).
Deze bekende museumdirecteur van het smak in Gent, organiseerde in 2001 de tentoonstelling ‘yellow’ in zijn ouderlijk huis, op de campus van het psychiatrische ziekenhuis. Hier groeide hij tot zijn tiende jaar op als zoon van een psychiaterneuroloog die verbonden was aan het opz. Op de tentoonstelling was werk te zien van enkele erkende ‘reguliere’ kunstenaars en kunstenaars met een psychiatrische achtergrond. Een van de bezoekers, Koningin Paola, noemde het een mooi voorbeeld van “integratieve kunst”.
Vanaf 2006 krijgen kunstenaars “met een artistiek talent en een psychische kwetsbaarheid” in Kunsthuis Yellow Art de mogelijkheid hun kwaliteiten verder te ontplooien door in een ongedwongen sfeer te experimenteren. Doel van dit alles is hen in de gelegenheid te stellen een eigen oeuvre en een eigen beeldtaal te ontwikkelen.
Rondlopend over het enorme terrein zag ik verschillende klinieken, een groentetuin en een bezoekerscentrum. “Hier”, vervolgde Bert, “kunnen mensen het werk van
onze kunstenaars bekijken, samen met de poëzie van
de psychiatrie”. Ik moest meteen denken aan Museum Het Dolhuys in Haarlem, waar de geschiedenis van de psychiatrie en de beeldende kunst ook in samenhang met poëzie gepresenteerd wordt. Aan de rand van het terrein wacht het ouderlijk huis van Jan Hoet op een nieuwe bestemming.
“Het nieuwe Kunsthuis voldoet aan de eisen van deze tijd. Het staat dichterbij de entree van het opz en is daardoor toegankelijker voor de deelnemers. Er komen zo’n vijfendertig deelnemers op regelmatige basis werken. Er is een team van vijf begeleiders, waarvan er twee professioneel kunstenaar zijn. Om de deelnemers doorgroeimogelijkheden richting het professionele kunstcircuit te bieden, worden op regelmatige basis tentoonstellingen bezocht en workshops en kunst-projecten met beroepskunstenaars georganiseerd”,
aldus Bert. Ook vindt men het “belangrijk om het stigma van isolement vanuit de psychiatrie te doorbreken en om de deelnemers te stimuleren te functioneren binnen de lokale kunstscène en daarbuiten”.

“Da’s komiek…”
In een interview in het digitale ‘Go For It magazine’ vertelt Jan Hoet over het kunsthuis Yellow Art “Het is een knap project. Het huis is omgezet in een therapiehuis waar opz-patiënten kunnen schilderen. Geel is de kleur van de zotheid, de naam van de stad, de kleur van Van Gogh. Geel is ook een kleur die Munch heeft gebruikt. Munch is een van die kunstenaars die ook lange tijd in een psychiatrische instelling heeft gezeten. Da’s komiek dat ze dan geel gebruiken. Geel: de zon, de warmte, de gloed, het goud… Je bent van Geel en dan zie je een schilderij van Van Gogh in het geel. Je verbindt dat allemaal met elkaar. Raar hè’”.

Wonderlijke wezens, duivels en Dimpna’s gezicht
In het Kunsthuis viel mij het werk van drie kunstenaars op: Karel Laenen (1956), Paul Blockx (1961-2015) en William D.R. Casier. Veel tekeningen van Karel Laenen, toveren de beschouwer vaak een glimlach op het gezicht door de aanwezigheid van wonderlijke wezens in fantastische kleuren. Fascinatie voor wetenschap en natuur vormt de aanleiding voor het creëren van een nieuw universum waarin ruimteschepen de kijker van planeet naar planeet brengen om daar de bewoners, hun eetgewoonten, de flora en de fauna te leren kennen. Laenen hanteert zijn kleurpotloden bijzonder slagvaardig.
De onlangs overleden Paul Blockx was een veelzijdig kunstenaar. Al sinds zijn academische opleidingen in Antwerpen en Leuven bevocht hij zijn demonen door ze om te zetten in beelden. Zijn schreeuwerige duivels verwerkte hij in etsen, litho’s, tekeningen en schilderijen. Ook kwamen zij terecht als illustraties bij zijn dichtbundel ‘Openbaringen’. Naast het voortdurend tekenen van duivels, maakte Blockx semiwetenschappelijke vlindertekeningen voor zijn dichtbundel ‘Vlindergids’ en een reeks tekeningen, gebaseerd op vroege jeugd-herinneringen, onder de noemer ‘Vrolijke vertelseltjes’.
Zoals aangegeven, begeleidde William D.R. Casier, artiestennaam van Willy Casier, mij op mijn tocht in Geel. Ik werd getroffen door zijn verhalen en zijn enthousiasme voor het Kunsthuis, waar hij regelmatig aan het werk is. Met houtskool en olieverf tovert hij zijn beeltenissen op het doek. Krassend en aaiend zoekt hij naar vorm en kleur. Zijn ingrepen vloeien door elkaar heen en lijken een verhaal te vertellen over onrust, lijden en gemis. Ook grijpt hij terug op de geschiedenis van het opz  in zijn recente doeken Dimpna 1 en Dimpna 2, waarin hij de gekwelde Ierse koningsdochter uit het jaar 600 een eigentijds gezicht geeft.


Tekst: Frits Gronert

Categorieën: Uncategorized

0 reacties

Geef een reactie

Avatar placeholder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *